Wetenschappelijke artikelen schrijven: Henry Gee (Nature) geeft advies

The Guardian vroeg aan Henry Gee, redacteur bij Nature, om advies te geven aan de deelnemers van de wetenschappelijke schrijfwedstrijd, de Welcome Trust/Guardian/Observer Science Writing Competition.

Henry Gee schreef daarvoor op luchtige wijze een tiental regels op, die je hieronder kunt lezen. Een beetje vrij vertaald door Writersplaza, dat wel.

(..)”Ik werd door mijn collega GrrlScientist gevraagd om scrhijfadvies te geven en wel onmiddellijk. ‘Ze proberen het publiek driemaal daags aan deze wedstrijd te herinneren totdat iemand de wetenschappelijk redacteur komt wurgen’,kreeg ik te horen. En omdat niemand zo’n dood verdient, zelfs een wetenschappelijk redacteur van de Guardian niet, heb ik beloofd mijn steentje bij te dragen.

Grrlscientist was vooral geïnteresseerd in gericht advies over hoe je moet schrijven. Geen olijk om de hete esoterische brij heen dansende aanstellerij over inspiratie en concept en Wat-moet-het-leuk-zijn-om-Professor-Brian-Cox-te-zijn-in-een-verblindend-knalroze t-shirt met daarop ‘Too Pretty To Do Math’, maar gewoon, iets over schrijven. Je weet wel, woorden. De een na de ander. Op een bladzijde.

Nou niet echt inspirerend, hè

Vroeger zou dit op papier hebben gestaan, met inkt. Maar mijn oudste dochter herinnert me eraan dat op papier schrijven niet goed is voor het klimaat. Papier is gemaakt van bomen en als je eenmaal een boom hebt gekapt kan die geen CO2 meer uit de atmosfeer opslurpen. Je bent daarmee schuldig aan de toename van de CO2-uitstoot. Help!
Oké, tot zover dan het concept. Trouwens, ik heb ook gebroken met Regel 3 van de tien schrijfregels die ik hieronder voor jullie ga opsommen.

Regel 1. Schrijf elke dag

Als ervaren schrijver en redacteur van het o zo populaire vakkundige wetenschappelijk tijdschrift dat begint met een N,  heb ik gemerkt dat de beste schrijvers hun hele leven al aan het schrijven waren. Ze schreven al verhaaltjes in hun vroegste jeugd. Op school of tijdens de studie schreven ze voor het plaatselijke sufferdje of het blad van de universiteit. Teksten knallen er bij hen gewoon vanzelf uit – ze kunnen er niets aan doen. Als jij dit leest ben je ongetwijfeld ook een van die mensen die schrijven zien als passie, als verslaving of als dwangneurose.

Maar ook voor passie heb je discipline nodig. Daarom deze regel nummer 1: als een aankomend schrijver moet je elke dag schrijven. Elk talent, of het nou voetballen of pianospelen is, ontwikkelt zich pas als je vaak oefent. Dat geldt ook voor schrijven.
Het maakt niet uit wat ’t is, of hoeveel. Het hoeft geen hoofdstuk van je meesterwerk te zijn. Het kan een update zijn op Facebook of LinkedIn, een tweet over hoe vervelend het is in de regen op de bus te moeten wachten, een boodschappenlijstje, een dagboekaantekening. Maakt niet uit.
Daarom is een weblog ook zo goed. Je kunt korte stukjes over van alles en nog wat schrijven, en als je het netjes wilt doen, doe je dat ook met enige regelmaat. Niets is treuriger dan een niet bijgehouden weblog vol goede voornemens.

REGEL 2: schrijf zoals je praat

Als je bij de Engelse les had opgelet, wist je dat Shakespeare 30.000 verschillende woorden in zijn oeuvre gebruikt, maar niet allemaal tegelijk en ook niet in alfabetische volgorde. Het is goed om je te realiseren dat de meeste woorden bedoeld waren om hardop uit te spreken.
Jouw stukje van 800 woorden over de relevantie van kosmische uitdijing ten opzichte van de activering van zeven transmembraan-helix G-eiwitgepaarde receptoren, met inachtneming van de uitstoot van calcium uit intracellulaire lichamen, is misschien niet echt poëtisch, maar alles wat je schrijft wordt uiteindelijk beter als je het hardop hebt voorgelezen, bij voorkeur voor een publiek dat bestaat uit getergde familieleden of bijeengeraapte huisdieren.

Je werk hardop voorlezen is de beste manier om te ontdekken of je zinnen te lang zijn, je proza te ingewikkeld, en of het überhaupt logisch in elkaar zit. Gebruik simpele taal. En ga rechtop zitten.

Regel 3 Blijf bij het onderwerp

Lang geleden toen de wereld nog jong was (oké, dat was rond 1998), zat ik diep in de eerste versie van In Search of Deep Time, mijn eerste populair wetenschappelijke werk (nog steeds verkrijgbaar in de spreekwoordelijke Betere Boekhandel, mensen!).
Bladzij na bladzij ongeëvenaard proza ontsproot er aan mijn pen. De woorden vloeiden als iets ontzettend vloeibaars over het papier. Ik stuurde deze versie naar de uitgever. Die stuurde het terug. En tot mijn afgrijzen waren de passages die ik juist zo geweldig vond, allemaal doorgestreept, de een na de ander. En mijn uitgever had er vier woorden bij gezet die me recht tussen de ogen troffen. Die woorden waren:

“En je punt is….?”

Het gaat allemaal over discipline. Als je schrijven leuk vindt (en dat doe je waarschijnlijk, anders zou je dit niet lezen) is het belangrijk bij je onderwerp te blijven. Wat wil je zeggen? Van tevoren je essay een beetje plannen is altijd handig. Maak een lijstje van de punten die je wilt maken, in logische volgorde. Zo’n lijst is altijd te ambitieus, dus maak daarna meteen een nieuwe lijst waarbij je de helft weglaat. Of, zoals mijn uitgever later tegen me zei: “Henry”, zei hij (zo heet ik namelijk), “Henry, vertel gewoon het verhaal”. Een waarheid als een koe.

Regel 4 Las een pauze in.

Voordat ik dit stukje schrijf, las ik even een pauze in om een kopje koffie te drinken en mijn hond te knuffelen. Later wordt wel duidelijk waarom.

(Later)

Goed, tenzij je een enorm vaardig vakman bent die handig naar een strakke deadline toewerkt, moet je nooit je stukken de wereld in slingeren als ze net warm uit de oven komen. Een goede tekst is een gerecht dat koud opgediend wordt.

Vaardige vaklieden die deadlines halen hebben meestal een corrector die de voutjes [sic] eruithaalt. Helaas heb jij die luxe niet. Neem regelmatig een pauze. Ik merk dat ik niet meer dan duizend woorden achter elkaar kan schrijven zonder dat mijn aandacht naar de wolken begint weg te glijden en ik geestelijk het raam uitzweef.

Mijn vriend Brian Clegg, die meer wetenschappelijke boeken heeft geschreven dan deeltjesvernellers deeltjes versnellen (zijn nieuwste werk heet ‘Inflight Science’ en is – ja ja- verkrijgbaar bij de Betere boekwinkel), zegt dat het belangrijkste gereedschap van een schrijver een hond is. Schrijven is een eenzame bezigheid en een hond is niet-opdringerig gezelschap. Belangrijker nog: een hond moet regelmatig uitgelaten worden en hem kan het niets schelen dat jij toevallig net vast bent gelopen in een stroperige beeldspraak.
Bezoekjes aan de sportschool kun je makkelijk uitstellen, maar trouwe hondenogen en een kwispelende staart sleuren je vanzelf bij je beeldscherm vandaan, brengen je aan het lopen, en zetten je aan het nadenken over wat je allemaal geschreven hebt en ook een beetje over wat je nog gaat schrijven.

Regel 5 Maak het af

Mijn jongste dochter begint altijd met verhalen getiteld ‘Vonkje de eenhoorn’ ofzo maar ze komt nooit verder dan een paar pagina’s. Veel schrijvers doen dat ook. Hun la ligt vol met onafgemaakt werk. Sommige stukken kun je misschien nog gebruiken voor nieuwe avonturen, maar komop, als je ergens aan begint, maak het dan ook af.
Los van een fraai werkstukje ‘Mijn pa is knots’ dat ze voor een wedstrijd schreef, is het enige verhaal dat mijn dochter ooit afgemaakt heeft een verhaal van 18000 woorden, getiteld Defiant The Guinea Pig: Firefighter! (helaas nog niet verkrijgbaar in de Betere Boekhandel) en dat is alleen maar omdat ik degene ben die het grootste deel heeft geschreven, onder een streng regime van 1000 woorden per dag (die ik dan bij mijn dochter afleverde ter correctie). Het is weer regeltje 1. Schrijven is een kunst, maar ook een vaardigheid. Om te slagen moet je het elke dag doen. De meeste schrijvers houden vaste tijden aan. Er zijn slechts weinig schrijvers die zouden wachten totdat de muze zich een keertje  openbaart.

Regel 6 Gebruik geen clichés

“Nooit wisten op het gebied van menselijk onderzoek zovelen zo weinig over zoveel ”
Alsjeblieft, die krijg je cadeau.

Regel 7

Regel 7 bestaat niet

Regel 8

Deze regel is wegens verbouwing gesloten. Excuses voor het ongemak.

Regel 9

Ehm..

Regel 10 Dat was het.

Henry Gee is redacteur bij het tijdschrift Nature en schrijver van een aantal boeken. Op dit moment werkt hij aan een nieuw boek over de menselijke evolutie. Hij blogt en hij woont in Cromer, Norfolk met zijn gezin en een stelletje huisdieren. Hij houdt van schrijven, strandjutten, bluesorgel spelen, Norwich City FC aanmoedigen en in slaap vallen.


Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s